Kennisblog

Heb je een werknemer met een slapend dienstverband? Dan is het tijd om wakker te worden!

maandag 18 november 2019


Een recente uitspraak van de Hoge Raad zet een streep door het slapend dienstverband. Dat wil zeggen: je bent voortaan als werkgever in beginsel verplicht om een slapend dienstverband te beëindigen en de wettelijke transitievergoeding te betalen, als een langdurig arbeidsongeschikte werknemer daar om vraagt. En de kans dat de betreffende werknemer jou daar nog voor het eind van het jaar om gaat vragen is groot. Want vanaf 1 januari 2020 wordt onder de nieuwe Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) de transitievergoeding fors lager.
 
 
Slapend dienstverband
Als werkgever ben je verplicht loon door te betalen aan een zieke werknemer. Na twee jaar stopt die loonbetalingsverplichting. Je kunt dan ontslag aanvragen en vervolgens moet je de werknemer transitievergoeding betalen. De kosten die gepaard gaan met het ontslag (loondoorbetaling, re-integratiekosten en de transitievergoeding) worden door het UWV (deels) gecompenseerd. Desalniettemin kiezen veel, met name kleinere, werkgevers ervoor om, vanwege de kosten, geen ontslag aan te vragen en over te gaan op een zogenoemd slapend dienstverband. De werknemer zit dan thuis en de werkgever betaalt geen loon, maar de arbeidsovereenkomst wordt niet ontbonden. En er wordt dus ook geen transitievergoeding uitgekeerd. 

Uitspraak Hoge Raad
Werknemers met een slapend dienstverband zijn niet gelukkig met die gang van zaken. Ze stappen steeds vaker naar de rechter om gedaan te krijgen dat hun contract wordt opgezegd, zodat ze een transitievergoeding ontvangen. De Hoge Raad stelde hen onlangs in het gelijk. De raad oordeelde dat een werkgever in beginsel verplicht is om een slapend dienstverband op verzoek van de langdurig arbeidsongeschikte werknemer te beëindigen, en de wettelijke transitievergoeding te betalen. Want, stelt de raad, aangezien werkgevers door het UWV worden gecompenseerd, gaat het argument dat een werkgever op hoge kosten wordt gejaagd, niet meer op. Rechters die in de toekomst in dergelijke zaken moeten beslissen, zullen dat doen in lijn met deze uitspraak van de Hoge Raad. 

Versobering transitievergoeding
De transitievergoeding wordt vanaf 1 januari 2020 onder de WAB flink versoberd. Daardoor kan het veel uitmaken of je een arbeidsovereenkomst vóór dan wel ná 1 januari 2020 opzegt. Het verschil kan oplopen tot maar liefst 45%. Het ligt dan ook voor de hand dat veel werknemers die af willen van hun slapend dienstverband niet willen wachten tot volgend jaar. Ze zullen jou als werkgever waarschijnlijk al op korte termijn verzoeken hun arbeidsovereenkomst vóór 1 januari 2020 op te zeggen. Want voor alle procedures die voor die datum zijn gestart geldt dat de transitievergoeding wordt berekend volgens de oude regels. En gezien de uitspraak van de Hoge Raad maken deze zaken voor de rechter een zeer goede kans. Dat kan jou als werkgever een flinke kostenpost opleveren. Het is daarom raadzaam om op zeer korte termijn de betreffende gevallen te inventariseren en samen met een professionele partij op individuele basis te bekijken wat verstandig en haalbaar is: goedkoop ontslag ná 1 januari 2020 of een duurder afscheid vóór die datum.

Roel Lammers

rlammers@tenadvocaten.nl
0412 - 61 44 43
 
Delen op Facebook Delen op Twitter Delen op LinkedIn